Verslag kort geding tegen uitrol 5G – Uitspraak over drie weken

Op maandag 4 mei vond het kort geding van de stichting Stop5GNL tegen de Nederlandse staat plaats in de rechtbank te Den Haag. Vanwege het coronavirus was publiek niet welkom, maar gelukkig werd de zitting door de rechtbank via een live stream uitgezonden, zodat iedereen toch mee kon kijken. De zitting is volledig opgenomen en kan via onderstaande video worden terug gekeken.

Tijdens de zitting van ruim twee uur bepleitten de advocaten van de stichting Stop5GNL dat het voorzorgsprincipe toegepast dient te worden, aangezien er vele aanwijzingen zijn dat 5G serieuze gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. De advocaten van de Nederlandse staat herhaalden het inmiddels bekende overheidsmantra dat straling binnen de blootstellingsrichtlijnen veilig is, omdat er geen wetenschappelijk bewijs zou zijn van het tegendeel. Het oordeel over de uitrol van 5G is nu aan de rechter, die over drie weken uitspraak doet. Onderstaand een verslag.

De zitting terugkijken

Veel van onze websitebezoekers vroegen naar de video-opname van de zitting, vandaar dat we die onderstaand als eerste plaatsen. [Lees verder onder de video.]

De aanwezigen

De rechter, mr. Hans Vetter, begon met de constatering dat er momenteel veel kort gedingen plaats vinden en dat er in alle hectiek verzuimd was om te melden dat er voor deze zaak een andere rechter is toegewezen. In plaats van een vrouwelijke rechter, was er nu een mannelijke rechter. We hebben daar verder geen oordeel over, maar dat was op z’n minst opmerkelijk gezien de grote belangen van dit kort geding.

Vervolgens werd vastgesteld wie er aanwezig waren. Namens de stichting Stop5GNL waren dat: de advocaten Thom Beukers en Xander Wynands; de stichting Stop5GNL zelf, te weten Pieta Jansen, Jan van Gils, Alja Hoeksema en Martine Vriens; en daarnaast als adviseurs Leendert Vriens en Jan Rutger Schrader.

Namens de Nederlandse staat waren aanwezig: de advocaten Sikke Kingma, Edward Brans en Floor Veldhuis; Lubna Safeer, beleidsmedewerker antennebeleid straling en gezondheid bij ministerie EZK; Brenda van der Wal, senior jurist bij ministerie EZK; Maarten van Waveren, senior beleidsmedewerker veiling; Harald Hanemaaijer, woordvoerder van het ministerie EZK; Jomima Tuhehay, senior inspecteur markttoezicht van Agentschap Telecom; Eric van Rongen, voorzitter ICNIRP (en daarnaast tevens secretaris van de commissie EMV van de Gezondheidsraad); en Rianne Stam, senior wetenschappelijk medewerker van het RIVM (en blijkbaar tevens lid van de scientific expertgroep van de ICNIRP).

Het pleidooi van stichting Stop5GNL

[Dit betreft een eigen samenvatting.] De advocaat van stichting Stop5GNL startte zijn pleidooi met de constatering dat de Nederlandse staat bij de voorgenomen uitrol van 5G geen aandacht besteedt aan de volksgezondheid. Bij onzekerheid over de veiligheid dient het voorzorgsbeginsel te worden toegepast. Uit duizenden studies blijken er wel degelijk serieuze aanwijzingen te zijn voor mogelijke gezondheidsschade. Dit betreft degelijke wetenschappelijke peer-reviewed onderzoeken. “De staat heeft oogkleppen op”.

De discussie is onderdeel van het publieke debat en daar zitten we nog midden in. Het is dan ook voorbarig om nu al 5G uit te rollen. Bij nieuwe medicijnen wordt het voorzorgsprincipe wel toegepast; waarom bij 5G dan niet? En dat terwijl er juist bij 5G sprake is van een opgedrongen blootstelling van de totale bevolking. De overheid heeft de beslissing voor de uitrol van 5G al genomen zonder relevant onderzoek. En dat is de verkeerde volgorde.

De Gezondheidsraad rapporteerde in 1975 al over niet-thermische effecten, waarbij ze gezondheidsrisico’s niet konden uitsluiten. Het duurde nog tot 2019 tot ze – op verzoek van de Tweede Kamer – een volledig onderzoek naar alle risico’s gingen doen. Het rapport hierover wordt verwacht in juli 2020. De vraag is dan ook waarom de staat de frequentieveiling al in juni 2020 wil laten plaats vinden. Waarom niet op z’n minst de uitkomsten van dit onderzoek afwachten?

In een artikel in de Telegraaf van 23 maart viel nota bene te lezen dat Prof. dr. ir. Kromhout, voorzitter van de commissie EMV van de Gezondheidsraad, beklemtoonde dat het NTP-onderzoek (dat aantoonde dat ratten kanker kregen bij blootstelling aan straling) een doorbraak was. Hij zei daarover: “Je ziet dat bepaalde groepen dat weg proberen te redeneren. Maar het zijn goed uitgevoerde studies.”

Het RIVM en de Gezondheidsraad leggen hun bevindingen langs de lat van de ICNIRP-richtlijnen, waarbij alleen rekening is gehouden met de thermische- en korte termijn gevolgen. Daarnaast is er ook geen rekening gehouden met de karakteristieken van de 5G-technologie (beamforming) en het effect van andere frequenties. De Raad van Europa adviseert veldsterktes die 300 keer lager zijn. In het eerdergenoemde artikel in De Telegraaf stonden ook de volgende zorgwekkende uitspraken van professor Kromhout (gezegd op persoonlijke titel, maar hij is wel voorzitter van de commissie EMV van de Gezondheidsraad):

Professor Kromhout noemt het ’wel bijzonder’ dat de ICNIRP-normen ’zó veel zegkracht hebben gekregen in Europa’. Hij stelt dat alléén kijken naar warmte niet genoeg is. „Als je ziet dat onder het niveau van 1 graad opwarming, wat ICNIRP aanhoudt, toch allerlei effecten optreden, moet je op een gegeven moment een stapje verder gaan.”

Ook onderschrijft Kromhout de kritiek op selectieprocedures van ICNIRP. „Het is een beetje een ondoorzichtige club. Hoe kandidaten worden verkozen, is niet duidelijk. Noem het zelfbevlekkend. In die zin heeft het niet echt een onafhankelijke status.” Van Rongen wijst erop dat benoemingen ’intern gebeuren’, dat de kandidaatstelling wel openbaar wordt gemaakt en dat ICNIRP als zelfstandig orgaan ’geen verantwoording hoeft af te leggen aan bijvoorbeeld regeringen’.

Volgens Kromhout staat de beoordeling van 5G vanwege het economische belang haaks op de zorgvuldige manier waarop we omgaan met andere blootstellingen, zoals aan chemische stoffen, bestrijdingsmiddelen of medicijnen. „Daarvoor bestaat zeer strikte regelgeving”, onderstreept hij.

„Maar voor 5G heb je een enkele norm, de ICNIRP-norm, die volledig gebaseerd is op opwarming. En er worden wat metingen gedaan in de buurt van 5G zenders, zoals je in het RIVM-rapport over 5G ziet. Er wordt echter geen blootstelling van individuen gemeten, geen toekomstscenario’s van blootstelling doorgerekend en geen eventuele gezondheidsrisico’s ingeschat. Dat moet anders. Je moet de industrie niet zomaar haar gang laten gaan. Weldoordachte afwegingen vooraf – zegeningen versus risico’s – zijn ook in dit dossier noodzakelijk.” [Bron: De Telegraaf]

Het RIVM heeft aangegeven dat het lastig is om op theoretische gronden te voorspellen wat de gevolgen voor de volksgezondheid zijn, ze weten niet wat het in de praktijk gaat doen. Daarbij komt 5G bovenop de blootstelling die we nu al hebben en is er sprake van een gecombineerde blootstelling. Het is dan ook de taak van de overheid om preventieve maatregelen te nemen en het voorzorgsbeginsel toe te passen. De uitrol van 5G moet dan ook worden gestaakt totdat voldoende is vastgesteld dat er geen gezondheidsrisico’s zijn.

De Staat stelt burgers actief bloot aan gezondheidsrisico’s, maar verschuift de verantwoordelijkheid naar de telecomindustrie. Het is de keuze van de Nederlandse staat om 5G uit te rollen, zij organiseert de frequentieveiling. Ze moet zich ook niet verschuilen achter Europese verplichtingen, maar zélf verantwoordelijkheid nemen om burgers te beschermen. Andere lidstaten laten zich ook niet tegen houden, zoals Italië, Slovenië, Zwitserland, Oostenrijk en gewest Brussel. En in Frankrijk en Denemarken zijn nu vergelijkbare procedures aanhangig. Het is dus niet uit te sluiten dat Europa op basis van voortschrijdend inzicht binnenkort alsnog aan de rem trekt.

De Nederlandse staat neemt met de uitrol van 5G een gok. Relevant onderzoek ontbreekt of is nog niet afgerond. Als de gok verkeerd uitvalt dan heeft dat grote effecten. Dit experiment van de Staat is onethisch en onrechtmatig. De Staat dient haar burgers te beschermen. [Lees hier de volledige pleitnota van de Stichting Stop5GNL.]

Het verweer van de Nederlandse staat

De advocaten van de Nederlandse staat kwamen met het verweer dat er op basis van wetenschappelijk onderzoek geen bewijs zou zijn dat blootstelling onder de limieten kan leiden tot negatieve gezondheidseffecten. Ze gaven aan dat uitstellen of afstellen van de uitrol van 5G in strijd is met het Europese recht. De uitgifte van de 5G-frequenties moet van Europa in juni plaats vinden. En het is niet de Staat, maar het zijn de telecomaanbieders die besluiten om 5G aan te bieden. Vodafone gebruikt nu al het 5G protocol.

Ze vinden dat de stichting Stop5GNL de vordering niet voldoende nauwkeurig heeft onderbouwd. 5G is een communicatieprotocol en dat verandert niets aan de aard van de EMV. En de blootstellingslimieten hangen niet af van het communicatieprotocol. Hogere frequenties zijn volgens hen niet anders dan de andere elektromagnetische velden. De vordering gaat over de veiling, maar de Staat geeft alleen maar de frequenties uit. De telecomproviders bepalen waar antennes worden neergezet en zij moeten daarbij voldoen aan de vergunningsvoorschriften.

De advocaten verwijten de stichting dat er wordt opgeroepen om meer onderzoek te doen, maar dat er vervolgens geen testvergunningen mogen worden afgegeven door de Staat. Alles is gebaseerd op ‘aannames van gezondheidsschade’, maar dat is niet verenigbaar met wetenschappelijke adviezen. De blootstellingslimieten zoals die zijn vastgesteld door de ICNIRP worden gehanteerd. Lidstaten van Europa worden ook opgeroepen om dit te hanteren. Deze limieten beschermen volgens hen ruimschoots tegen een te hoge blootstelling. De ICNIRP heeft alle onderzoeken meegenomen en niet alleen de thermische effecten. Biologische effecten zijn wel onderzocht, maar er is geen bewijs van schade gevonden, aldus de advocaat.

De huidige blootstellingsnormen gelden ook voor de nieuwe antennes, de gemeten veldsterkten van MIMO geven geen overschrijding van limieten aan, de blootstelling buiten de bundel was juist kleiner. Ze vinden dat de stichting zeer vergaande maatregelen eist van de Staat, terwijl er wordt uitgegaan van een eenzijdige selectie van publicaties. Een deel van de genoemde onderzoeken zijn onverantwoord en niet alle auteurs zouden een wetenschappelijke achtergrond hebben. Stop5GNL zou alles wat hen niet uitkomt ‘onder het tapijt vegen’. De genoemde onderzoeken zijn niet genegeerd, maar ze zijn ‘gewogen en te licht bevonden’. Stop5GNL moet zelf maar onderbouwen waarom het wetenschappelijk onderzoek niet goed zou zijn. De advocaat vindt de vorderingen onvoldoende onderbouwd en verwijt de stichting dat zij het wetenschappelijk debat verplaatsen naar de rechtszaal.

Verder wordt aangegeven dat er geen sprake zou zijn van onrechtmatig handelen. Dat zou een onjuiste uitleg zijn van het voorzorgsbeginsel. Niet iedere activiteit wordt pas voortgezet als onomstotelijk is vastgesteld dat er geen risico’s zijn. Auto rijden mag tenslotte ook, terwijl dat elk jaar tot vele ongelukken leidt. Maatregelen moeten in verhouding staan tot het beschermingsdoel. Er moet sprake zijn van een ‘real and immediate risk’ en dat is hier volgens hen niet aan de orde. Ze zijn dan ook in de overtuiging dat de Staat handelt in overeenstemming met het voorzorgsbeginsel. [Lees hier de volledige pleitnota van de Nederlandse staat.]

Tweede termijn

Na een schorsing van tien minuten constateert de rechter dat de Gezondheidsraad niet aanwezig is bij de zitting. De Gezondheidsraad gaat in juli 2020 een rapport uitbrengen en hij vraagt zich af wat de verwachting is dat de Gezondheidsraad gaat doen. Hij vraagt of iemand daar iets over kan zeggen. Dan wordt het oorverdovend stil. De advocaat geeft aan dat ze daar niets over kunnen zeggen, dat vindt in beslotenheid plaats. [Wat wel jammer is, is dat niemand aangeeft dat Eric van Rongen aanwezig is bij de zitting. Hij is niet alleen voorzitter van de ICNIRP, maar tevens secretaris van de commissie EMV van de Gezondheidsraad. Hij zou daar dus prima iets over kunnen zeggen.]

Verder geeft de advocaat van de stichting aan dat het een processtrategie van de tegenpartij is om de bewijsdiscussie naar voren te brengen. Het gaat er niet om wie gelijk heeft over welke risico’s er zijn. Het gaat erom dat onvoldoende duidelijk is wat de effecten zijn en dat de Staat daarom preventieve maatregelen moet nemen. Ze benadrukken ook het belang om de 5G-kwestie als geheel te voeren, en niet elk deel afzonderlijk te bestrijden. Ook bij de aardbevingsschade is ervoor gekozen om de zaak als geheel te behandelen.

De advocaten van de Nederlandse staat vinden het wel degelijk aan de stichting om onderzoeken te onderbouwen. En naar aanleiding van de uitspraken van professor Kromhout vinden ze dat de Staat haar beleid niet hoeft te baseren op uitspraken van losse personen. Verder geven ze aan dat er altijd onderzoeken lopen, dat gaat altijd door. Je kunt niet oneindig maar onderzoeken blijven afwachten, de frequenties moeten nu gewoon worden vrijgegeven. Als blijkt dat er aanleiding is om in te grijpen dan zal de Staat dat doen.

De rechter zal op maandag 25 mei om 11.00 uur uitspraak doen in de rechtbank te Den Haag.

Ten slotte

Wat mij betreft hebben de advocaten van de stichting Stop5GNL een prima pleidooi gehouden. Zie ook de uitstekend onderbouwde dagvaarding en de pleitnota. Op zich was het wel jammer dat er tijdens de zitting niet nog even ergens door hen werd benoemd dat er zoveel mensen zijn die nu al (ernstige) gezondheidsklachten ervaren door straling. Dit is een groot en serieus maatschappelijk probleem. Dat gaat dan juridisch gezien niet direct meer over de frequentieveiling, maar het zou goed zijn als de rechter wel ook het menselijk leed ziet dat daar achter schuil gaat. Het gaat tenslotte om ménsen, niet alleen om wetenschap en juridische procedures.

De reactie van de Nederlandse staat was helaas voorspelbaar. Gewoon ontkennen dat er een probleem is, je verschuilen achter volstrekt achterhaalde en eenzijdige richtlijnen en de schuld afschuiven op de telecomproviders en Europa die dat ‘nu eenmaal voorschrijft’. Het is toch treurig om weer te moeten constateren dat de overheid de volksgezondheid en het menselijk welzijn toch echt niet voorop heeft staan. Waarom toch altijd maar weer afwachten totdat de schade al is aangericht? Zo onnodig.

Het laatste woord is aan de rechter. Op zich heb ik er zelf wel een goed gevoel bij. Hij stelde goede vragen en kwam integer over. Hij gaf aan alle stukken goed te gaan bestuderen en overwegen. Als hij dat daadwerkelijk gaat doen, dan kan hij toch niet tot een andere conclusie komen dan dat het volstrekt onverantwoord is om 5G uit te rollen als nog helemaal niet bekend is wat de effecten voor de volksgezondheid zijn. Laten we hopen op een wijze en weloverwogen uitspraak. En tenslotte wil ik nog mijn waardering uitspreken voor de stichting Stop5GNL: Dank voor jullie enorme inzet en betrokkenheid!

Silvia Belgraver

Lees ook:
> Stichting Stop5GNL heeft de Nederlandse Staat gedagvaard
> Voorstel gezamenlijk onderzoeksproject naar gezondheidseffecten van 4G en 5G
> Zie voor de mediaberichten over het kort geding deze pagina.

Update: De uitspraak van het kort geding vond plaats op 25 mei. De rechter besliste dat de Staat door kan gaan met de frequentieveiling voor 5G. De video van de uitspraak van het kort geding (14 min.) met ons commentaar daarop kun je via deze link lezen/bekijken.


Waardeer je onze nieuwsberichten?
Via een donatie kun je meehelpen om ons werk en deze website voort te zetten.
Klik hier voor meer informatie en voor de donatieknop. Alvast bedankt voor je hulp!